Over Jeroen Charpentier

Jeroen Charpentier is een buitenmens. Altijd geweest. Geboren in de bergen van Zwitserland en op zijn achtste verhuisd naar Berlicum. Terwijl de jeep buiten opwarmt, vertelt hij in zijn huis aan de Kerkwijk over de liefde voor alles wat groeit en bloeit. “Die liefde nam ik uit de bergen mee naar Nederland.

Als kind was ik altijd buiten en dat is nog steeds zo. Het is een kunst om te zien hoe mooi het Nederlandse landschap is. Voor genieten hoef je niet geleerd te hebben, dat kan ieder mens. Het vraag alleen van je, dat je je bewust bent van je omgeving. Je moet mooie dingen wíllen zien. Daarvoor heb je een bepaalde rust nodig.”

RUST Denk echter niet dat Jeroen de hele dag in de relax-modus staat. “Integendeel. Ik kan heel hard werken, maar zonder dat ik gehaast ben. Ik reed ooit naar een werk en somde voor mijn collega op, wat we moesten doen. Hij werd er al bij voorbaat moe van. Zelf heb ik daar geen last van. Ik werk naar vermogen en ben niet snel op te jagen. ‘Juist als je het druk hebt, moet je even gaan zitten’, zegt een Chinees gezegde. Rust moet je niet alleen zoeken tijdens je vakantie.

Tevreden zijn is ook een vorm van rust.” Jeroen doet de dingen daarom graag in één keer goed: “Als je ergens niet tevreden over bent, geeft het geen rust. Je moet erachter staan; dat heeft te maken met overtuiging en bezieling. Ik vind rust in het scheppen van mooie of nieuwe dingen.” Met de komst van de auto is volgens Jeroen voor veel mensen de haast begonnen. “Mensen hebben geen geduld meer. Wachten duurt altijd lang, maar wachten kan heerlijk zijn, als je die tijd gebruikt om andere dingen te zien. Of om eens even helemaal nergens aan te denken. Zalig!”

TELEFOONS Een hele dag achter de computer zitten is niks voor Jeroen; dan is hij naar eigen zeggen niet te genieten. Voor zijn kinderen is dat anders, die groeien op met allerlei technisch vernuft. “Het goed gebruiken van al die techniek vind ik de grootste uitdaging van deze tijd. Onze kinderen weten dat ze bij het studeren, eten en naar bed gaan geen telefoon gebruiken.

Dat is een basisregel hier in huis. Zo’n vorm van rust heb je nodig om te genieten. Ik vind het belangrijk dat kinderen ook buiten spelen en niet de hele dag achter de computer zitten. Daarom maak ik zo graag speelnatuur voor kinderen, op scholen en andere terreinen.”

ZON OP DE BODEM Inmiddels is de jeep-op-afgewerkte-frituurolie opgewarmd. We stappen in voor een ritje door het buitengebied. Achter de jeep hangt een geurige walm van friet en pannenkoeken. In de bossen bij Heeswijk is de vijftiger zichtbaar in zijn element. “Hier liggen allemaal rabatten”, wijst hij. “Dat zijn langwerpige ophogingen in het bos, met aan weerskanten greppels.

Vroeger hoogden de mensen natte gebieden op met grond uit die greppels. Daarop plantten ze bomen.” In de wintermaanden werkt Jeroen om de week met een groepje vrijwilligers in het bos, om de elzen net boven de grond af te zagen. “Zo krijgt de zon meer ruimte om op de bodem te schijnen en krijgen nieuwe planten een kans. Dit jaar hebben we de gele lis en de grote watereppe al waargenomen. Het is heerlijk om met vrijwilligers te werken. Hier komen natuur, cultuur en mens samen.”

Het idee voor het beheer van het Aa-dal kreeg Jeroen jaren geleden. “Ik zag dat de bossen in de omgeving van de Aa niet of nauwelijks werden onderhouden, vooral rondom Kasteel Heeswijk”, vertelt hij. “Ik belde met Brabants Landschap en uiteindelijk zijn we met een stel vrienden op zaterdag begonnen in een elzen hakhoutperceel van het kasteel. Dat was gezellig én nuttig.

Het bracht ons op het idee om meer te doen. We wilden meer mensen betrekken bij hun omgeving; ze verbinden met het oude boerenleven. Zo ontstond in 2013 het plan voor de stichting Landschapsbeheer Aa-dal.”

DENKEN IN KRINGLOPEN Jeroen Charpentier ging naar de Middelbare Tuinbouwschool. Maar omdat destijds in de tuinbouw geen droog brood was te verdienen, werkte hij tien jaar als rietdekker. “In die tijd heb ik veel oude boerderijen gezien, vol sfeer en verhalen. Dat vond ik prachtig. De nostalgie van het boeren spreekt mij aan. Ik heb een geromantiseerd beeld van vroeger. Maar na tien jaar in de rietdekkerij was ik toe aan meer uitdaging.

Ik werkte eerst twee jaar op een jongerencentrum in Gilze-Rijen en ben toen milieukunde gaan studeren in Tilburg. Daarnaast ging ik twintig uur per week bij een hovenier in Rosmalen aan de slag. Ik genoot van de studie. Het eerste jaar had ik spierpijn in mijn hoofd van al het lezen en beredeneren. Ik ontmoette leuke mensen en verdiepte me in interessante materie.

Ik leerde te denken kringlopen. Het betekent dat dingen in evenwicht moeten zijn. Dat kun je overal op toepassen, zowel op de natuur als op mensen. Een burn out is een verstoring van het evenwicht, net als het breken van een tak. Zowel een burn out als een takbreuk kan leiden tot iets nieuws, zoals vallende bladeren voeding worden voor andere planten.”

WILGENROOSJES In het derde jaar van zijn opleiding startte Jeroen als freelancer op een groot landgoed met een kruidentuin in Bennekom. “We deden daar aan ecologisch bosbeheer”, vertelt hij. “Het landgoed stond vol met Amerikaanse eiken. We hebben een groot deel van die eiken omgezaagd, om de inlandse soorten meer kans te geven. Dat hielden we tien jaar vol.

Het was erg mooi om te zien dat de heide en de wilgenroosjes terugkwamen. Ook de reeën keerden terug. Het is prachtig om zo’n proces op gang te zien komen.” Werken in een groot bos geeft Jeroen een gevoel van ruimte en vrijheid. “Dat gevoel wil ik doorgeven aan de mensen met wie ik samenwerk. Ieder mens moet – binnen een bepaalde bandbreedte – de dingen op zijn eigen manier kunnen doen. Ook als dat niet jouw manier is. Je kunt veel van andere mensen leren, zelfs als ze onmogelijk zijn!

Zolang je kunt leren, blijft het interessant. Als die vrije vorm van samenwerking slaagt, krijg je alles gedaan. Daar zie ik ook een kringloop in: als je plezier hebt in samenwerken, kun je gemakkelijk twaalf uur op een dag doorgaan.”

SCHOFFELEN Na zijn studie begon Jeroen voor zichzelf. Hij vormt en beheert nu speelnatuur, tuinen en landgoederen. “In het begin werd ik nog weleens gebeld met de vraag: ‘Wat kost een gazon bij jou?’ ‘Ik zou het niet weten’, zei ik dan. Ik ben geen hovenier. Ik heb niet eens een schoffel!

De natuur streeft altijd naar volledige bodembedekking. Waarom zou je het hele jaar schoffelen en bladeren harken, om vervolgens in het voorjaar compost toe te voegen? Ik sta voor een natuurlijke manier van tuinieren, waarbij mensen plezier krijgen in het meebewegen met hun tuin. Het is de kunst om te denken in biotopen, waarbij omgevingsomstandigheden als zon, licht, water en bodem hun werk kunnen doen. Zo werk ik mezelf eigenlijk de tuin uit.”

STOKEN Na een bezoek aan de Pierekoal en het Aadal met zijn bollende akkers en wuivende knotwilgen keren we huiswaarts. In zijn met veel hout verbouwde huis aan de Kerkwijk praten we verder. In zes jaar tijd verbouwde Jeroen het hele huis samen met zijn vrouw Christel en een bouwmaatje. “We hebben veel houtverbindingen gebruikt.

Hout is mooi, warm en sfeervol”. Midden in de woonkamer ligt een bijl op een blok hout. “We hebben drie kachels in huis en verstoken zo’n veertien kuub hout per jaar. We proberen zo min mogelijk gas te verbruiken. Onze dochters van veertien en zestien weten ook hoe ze een vuurtje moeten maken. We leven milieubewust, gooien zo min mogelijk weg en eten weinig vlees. Zo dragen wij ons steentje bij aan een duurzame wereld.”

Dit artikel is geschreven door Bart Coolen

Jeroen Charpentier

vormen en beheren van natuur, tuin en landgoed